gototopgototop
PDF Afdrukken E-mailadres

Mari van Genugten schrijft voor het blad 'Boerderij' onder rubriek 'Varkenshouderij' de column "'Bouwen':

 

Mari van Genugten

15-07-12 Gepaneerde knoken

In mijn vorige column informeerde ik jullie over mijn reis naar Azië. Onze redacteur verzocht mijn een extra column te schrijven en zo schrijf ik dit verhaal op het vliegveld van Taipei, midden in mijn Azië trip. Afgelopen weken hebben we Taiwan bezocht en daarvoor heb ik een week door China gereisd, op bezoek bij fabrikanten van stalinrichting en aanverwante materialen. Ook heb ik een aantal varkensbedrijven bezocht. Wij kopen inmiddels al 13 jaar stalinrichting en gietstalen roosters in China. In die tijd is er op dat gebied veel veranderd. Opmerkelijk is dat de bedrijven  in die tijd veel professioneler en groter geworden zijn.

 

In mijn vorige column, beloofde ik voor jullie uit te zoeken waarom een grote varkenshouder in China met meer dan 4500 zeugen, zo weinig ervaring heeft met het professioneel houden van varkens. Ik ben op een van zijn bedrijven geweest, wat bestond uit 2 identieke eenheden van 350 zeugen gesloten. Volgens mijn begeleiders representatief voor het grootste deel van de professionele varkensbedrijven in China. Het bedrijf is ongeveer 12 jaar geleden gebouwd naar Amerikaanse stijl. Dus langs elkaar gebouwde stallen met een verbindingsgang door de stallen. Ventilatie via lengteventilatie waarbij de lucht langs de verbindergang via coolpads aangevoerd werd. Op zich helemaal geen slecht systeem, ware het niet dat alles volledig versleten was. Dak en wanden van damwand waren compleet verroest. De eindventilatoren waren allemaal kapot en bij elke stal stonden er wel een paar stil. Ook de roosters waren helemaal versleten. De brijvoerinstallatie die met veel enthousiasme geïnstalleerd was, was buiten gebruik omdat alles kapot was. Er werd met de hand gevoerd. Kortom een bedrijf van 12 jaar oud wat geheel versleten is. De genetika werd uit Denemarken geïmporteerd, dus de intenties zijn goed, maar het komt er niet uit. De productie lag rond de 18 biggen per zeug en men wilde naar 25 biggen.

Ik was alleen met mijn Chinese begeleider en zijn tolk, maar er stonden 3 auto’s klaar om de delegatie uit Nederland af te halen, zo gewend zijn ze dat er een delegatie met veel personen komt. Naast de bedrijfsleider heb ik met de technisch directeur gesproken, die verantwoordelijk is voor het geplande nieuwbouwproject. In de stal werken 22 mensen. Met staf en overig personeel werkten daar ca 40 mensen op ca 500 zeugen omdat de bedrijven gedeeltelijk leeg stonden. Dit kwam door de lage varkensprijzen van de afgelopen jaren. Omdat telkens varkens verkocht worden om het voer te betalen, loopt de veebezetting langzaam terug. Hierdoor daalt de productie en stijgt langzaam de prijs. Daar zouden de Europese varkenshouders nog iets van kunnen leren.

Ik kan inmiddels vakkundig met twee stokjes eten en ik heb in de restaurants vaak naar varkensvlees gezocht. Varkensoren, neuzen en gepaneerde knoken uit de poten zijn lekkernijen. Schnitzels en varkenshaasjes zijn niet te vinden. China vormt voor ons dus voor de komende jaren een enorme markt voor de afzet van de bijproducten van het varken en geen enkele concurrentie op de internationale markt voor varkensvlees.

Op onze website en in mijn volgende columns informeer ik u verder over mijn Azië reis. 

 

Meer columns